212014dec

Schoonmaakvreugde, huishouden in de jaren ’50

Let op het merk, let op het loodje.


Sylvia Witteman herinnerde me er weer aan. Hoe ik in de jaren tachtig, tijdens mijn studie politicologie, op het Waterlooplein speurde naar boeken over opvoeding, de taken in het huishouden en de rolverdeling tussen man en vrouw. We zaten in die tijd in een ‘feministische golf’, en dat betekende dat je je als mannelijk student te allen tijde moest kunnen verantwoorden voor je seksistiese gedrag. Enige vakliteratuur kwam daarbij allicht van pas. Zo heb ik een behoorlijke historische verzameling aangelegd met literatuur over ‘hoe het eigenlijk heurt’.

Een bijzondere plaats is daarin weggelegd voor de ‘huwelijksboeken’. Kort na de oorlog kregen stellen die in ondertrouw gingen van de gemeente een boek met tips over hoe je je leven en je huishouden het best kon inrichten. Met onder andere recepten, een huishoudboekje, schoonmaakroosters, etiquette, woninginrichting, babyverzorging, nuttige handwerken, hobby’s die niks kosten, lijsten met de musea en bioscopen in Amsterdam en de posttarieven. Het geheel bekostigd uit prachtige, nu nostalgische, advertenties.
Eén van die huwelijksboeken in mijn verzameling is het ‘Geschenk voor het bruidspaar’ van uitgeverij Hexspoor uit 1950. Ik zou pagina’s kunnen vullen met citaten. Lees vooral de illustraties na (even klikken voor een groter beeld).
Het was vla na de oorlog, dus de mensen hadden weinig tot niks. IKEA was nog niet uitgevonden. Gordijnen naaide je zelf, net zoals je eigen kleren en de baby uitzet.
In het hoofdstuk ‘Knoop de eindjes aan elkaar’ worden de vaste lasten besproken:
“ZIEKENFONDS, GEZONDHEIDSZORG
In het algemeen “gezondheidszorg” behoort tot de noodzakelijke posten waarop zeker niet kan worden bezuinigd. In veel gevallen zal het aanbevelenswaardig zijn het risico van ziekte te dekken door aansluiting bij een ziekenfonds. (…)
CONTRIBUTIES
Deze kunnen beperkt blijven tot lidmaatschap van kerkgenootschap, vakvereniging, liefdadige instellingen.
COURANTEN, TIJDSCHRIFTEN
Ziedaar een post die ons buitengewoon gemakkelijk ertoe brengt de wenselijkheid sterker te doen spreken dan de noodzakelijkheid. Vooral in deze tijd van leeshonger komt men er eerder toe dan vroeger zich op vele dag- en weekbladen te abonneren. Hier zal dus selectie zijn geboden.
(…)
TELEFOON, RADIO
De noodzakelijkheid van telefoon is meestal wel aanwezig, al was het alleen maar voor tijdsbesparing. Radio zal node kunnen worden gemist. Hierin toch zit een mogelijkheid van ontwikkeling en genoegen die de betrekkelijk geringe kosten ruimschoots vergoedt.”
Je was met andere woorden vanzelfsprekend lid van het ziekenfonds, de kerk en de vakbond. Je had een abonnement op minstens één krant, telefoon leverde nog tijdsbesparing op en de radio stond centraal in de huiskamer.

De ideale huiskamer, met het radiomeubel op nummer 6


‘Een pasgetrouwd vrouwtje’ had overigens weinig tijd om bij de radio te zitten als je de lijst met ‘dagelijkse wederkerende werkzaamheden‘ bekijkt.

Er waren ook wekelijkse terugkerende bezigheden, en voor elk vertrek in het huis is ook nog een ‘grote beurt’ beschreven

Voor vertier kon je in Amsterdam naar dezelfde musea als nu, alleen soms op een andere plek. Bioscopen waren er te kust en te keur, meer dan nu. Bij gebrek aan internet speelde je correspondentieschaak. Als je geen geld had voor de bioscoop kon je altijd nog gaan wandelen. Bijvoorbeeld “Naar het Bos met een 2000 meter lange roeibaan.”

Wees zuinig. Er is een apart hoofdstuk aan gewijd. “Ook met het keukenmateriaal dient zuinig te worden omgegaan, want de jonge huisvrouw zal er lang mee moeten doen.”
“(…)matrassen krijgen vaak een minder zachtzinnige behandeling met de mattenklopper, wat de levensduur niet ten goede komt. De vlijtige huisvrouw slaat, in haar schoonmaakvreugde, haar matrassen juist kapot.”
Schoonmaakvreugde, kom daar nog eens om, vandaag de dag. Diet Groothuis uitgezonderd natuurlijk.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *